De beste fragmenten op een rij

Louis Th. de Mérode

"Als het woord 'maand' terug te herleiden is tot 'maan', is het dan zo vreemd om te denken dat het woord 'maagd' is afgeleid van maag?" vroeg Fedor retorisch. De zaal keek hem schaapachtig aan. Na een lange stilte stond de voorzitter op, zuchtte en sprak: "Beste kandidaat, een woord dat trouwens zijn oorsprong vindt in de Latijnse vorm candidatus, of gegadigde voor een ambt of waardigheid, maar ik zal niet te ver uitweiden. Alhoewel uitweiden weer afkomstig is van afgrazen! Uit de wei gaan om wijd en zijd voedsel te zoeken en vandaar het woord afdwalen!" riep de statige man enthousiast. Hij snakte even naar adem en vervolgde, "U praat poep."


Uit: "Toegang tot de Vereniging voor Etymologie Arnhem" door Louis Th. de Mérode, Arnhem, 1996.

Door Louis Th. de Mérode
7 commentaren | 24 punten

Zwezerik

Dronken als een tor en geil als boter liet Herman zich aan de hand meevoeren naar de slaapkamer, terwijl hij zijn handen nauwelijks van de dame af kon houden. Pas toen ze het nachtlampje aandeed begon er in zijn hoofd ook langzaam een lichtje te branden. Snel trok hij zijn handen terug. Terwijl hij zijn erectie in snel tempo voelde wegzakken realiseerde hij zich teleurgesteld dat hij zich had laten verleiden door zijn eigen vrouw.


Uit: "Feest der herkenning, zonder slingers" door Zwezerik, Houten, 1998.

Door Zwezerik
4 commentaren | 21 punten

Simeon-John von Tiggelaer

Tzzak! klonk het door merg en been. Lermco keek naar beneden en zag dat zijn penis paars aanliep tussen de metalen tandjes van zijn rits. Dit realiseren ging gepaard met een lauwe waterproductie rond zijn oogballen.
Tranend en schichtig keek Lermco om zich heen. Toen hij doorkreeg dat niemand het gezien had, trok hij de rits nog iets strakker aan...


Uit: "Gemberolie voor het slapen gaan" door Simeon-John von Tiggelaer, Oggelen, 1999.

Door Simeon-John von Tiggelaer
4 commentaren | 19 punten

Cognio

"Wie heeft er zin in een snoepje?", vroeg juffrouw Renske aan de kinderen.
De zesjarige Maarten liet zijn hoofd zakken en begon langzaam zijn broek uit te trekken.


Uit: "Pas op voor de buurman" door Cognio, Almere, 2006.

Door Cognio
8 commentaren | 18 punten

W.F.G.H. Ambrozijn

"Wat nou minderjarig?!". Klonk het door de rechtszaal. Het was Gerrart Harrewijn, een van pedofilie beschuldigde timmerman. Hij sprong op vanuit zijn plek in de beklaagdenbank. "Iedereen is verdomme toch even vaak jarig?!", vervolgde hij en hij keek daarbij de hele zaal rond.
Bij het kruisen van hun blikken gaf zijn moeder op de tweede rij hem daarop een blijk van trots middels een subtiele knipoog.


Uit: "Andermans dochter" door W.F.G.H. Ambrozijn, Gellicum, 1993.

Door W.F.G.H. Ambrozijn
7 commentaren | 16 punten

C.Q. Ahrends

Arnold had altijd al moeite gehad zijn mening over vrouwen voor zich te houden. Toen zijn echtgenote Anja meende dat hij vanavond wel eens kon koken opende hij prompt een betoog over de zwakheid van de vrouw. Mede hierdoor keek hij wel enigszins op toen Anja haar trouwring op de grond smeet, uitriep dat ze dan verdomme wel een ander zocht, en de deur achter zich dichtwierp.

Bijna dertig uren waren er nu verstreken, de tijd hield hij bij op de klok tegenover de stoel waarop hij al die tijd had gezeten. Anja was niet teruggekomen, en al die tijd had hij niets gegeten. 'Nog even', zei de uitgehongerde Arnold tegen zichzelf, 'en dan ben ik zwak genoeg om zelf te koken.'


Uit: "Arnold, een geval apart" door C.Q. Ahrends, Diemen-zuid, 2007.

Door C.Q. Ahrends
2 commentaren | 16 punten

Zwezerik

Zelfs op zijn sterfbed wist opa vriend en vijand te verrassen met zijn antwoord op de vraag wat zijn grootste teleurstelling was geweest. In het bijzijn van oma, kinderen en kleinkinderen, stiet opa vastberaden zijn laatste adem uit en kreunde: "Mijn grootste teleurstelling is dat het noch oma, noch één van mijn minaressen ooit is opgevallen hoe ik, na jarenlange oefening, mijn mannenmurrie in perfect symmetrische parabolen over hun pronte borsten in hun mond deed belanden." Met die laatste woorden liet hij alle aanwezigen, niet in de laatste plaats oma zelf, enigszins onthutst achter.


Uit: "Oefening baart kunst, geen kinderen" door Zwezerik, Cuijck, 2002.

Door Zwezerik
11 commentaren | 15 punten

Zwezerik

Toen ik de werkkamer binnenkwam zag ik haar staan, ongeduldig tappend met haar voet en het gezicht op standje "alle smoesjes van de wereld kunnen je nu niet meer helpen." Vanuit mijn ooghoeken zag ik het computerscherm, met daarop onmiskenbaar de homepage van laudo.nl. Mijn adem stokte even.
"Dus dit doe jij de hele dag?" sneerde ze, en ik besloot dit maar als een retorische vraag te interpreteren.
"Allemaal vieze verhaaltjes over kleine meisjes en sex en poep en..."
"En poepsex met kleine meisjes," grinnikte ik, als in een reflex.
"O, meneer kan er wel om lachen! Wat moet dit voorstellen? Een soort "fight-club" voor lafhartige mietjes met vieze praatjes, die te bang zijn om zelf fysieke pijn te ondergaan en daarom maar anderen verbaal te lijf gaan?"
"...."
"En die namen: Pastor Leeuwens, Wolfjan Molkenboer, Ambrozijn,..."
"Louis Th. de Mérode," zei ik zacht, bewonderend.
"En welke van deze idioten ben jij dan wel?"
"....Zwezerik..."
"Zo mogelijk de smerigste van allemaal, ik had het kunnen weten. Zielig mannetje," en met die woorden stampte ze de kamer uit.

Onthutst bleef ik achter. En behoorlijk onder de indruk. Dusdanig onder de indruk dat ik niet eens het lef had om haar vuile teef te noemen, in mijn beschrijving van dit relaas op laudo.nl.


Uit: "Op heterdaad betrapt" door Zwezerik, Lummel, 2007.

Door Zwezerik
7 commentaren | 15 punten

Th. Joh. Waldheim

Geheel onbeschermd had Rikhart zich jarenlang in de homo-wereld als scharrelaar geprofileerd. Risico meende hij met zijn geringe kennis van de medische wereld niet te lopen. "Waarom zou ik risico lopen op HIV? Dat is helemaal niet besmettelijk!", diende hij eenieder die hem waarschuwde voor seksueel overdraagbare aandoeningen van repliek. Toen hij het woordenboek er eens op na sloeg, kwam Rikhart echter tot bezinnen, daar hij ontdekte dat HIV helemaal niet voor herseninvarct staat en infarct met een F gespeld dient te worden.


Uit: "Abortustoerisme. Zeven zinnenprikkelende reisavonturen." door Th. Joh. Waldheim, Heemstede, 2003.

Door Th. Joh. Waldheim
2 commentaren | 15 punten

J.P. van Geuzen

Het was een mooi nazomers dagje. De westenwind was zacht en vol vergiffenis. Desalniettemin had Johan een ongedefinieerd gevoel van onbehagen. Er zat hem iets goed dwars, maar hij kon zijn vinger er niet opleggen. De roestige spijker in zijn linkervoet herinnerde hem er weer aan dat het potje Hamertje Tik met zijn zesjarige buurjongen behoorlijk uit de hand was gelopen.


Uit: "Waar gehakt wordt, vallen spaanders" door J.P. van Geuzen, Hoofddorp, 2002.

Door J.P. van Geuzen
login of registreer om commentaar te posten | 14 punten

Louis Th. de Mérode

"Ik heb je nu al drie keer gezegd dat ik je gezelschap niet op prijs stel. Misschien dat mijn buurvrouw je toenaderingen wel kan waarderen.", klonk het met een mondvollerige metaalheid. Het was op dat moment dat de damesfietsfetisjist zich realiseerde dat hij hulp nodig had. Als Gazelle's gaan praten, is het tijd om het te laten, hing niet voor niets ingelijst boven de haard. Hij maakte zich los van de zadelpen en stiefelde zo nonchalant mogelijk de stalling uit.


Uit: "Fridtjof, fietsfetisjist in hart en scharnieren" door Louis Th. de Mérode, Malmö, 2008.

Door Louis Th. de Mérode
9 commentaren | 14 punten

Nonkelberg

“Ja vertel mij wat.”
“Ja, ik vertel je toch net dat hele verhaal.”
“Ik bedoel dat toch spreekwoordelijk man.”
“Dat begrijp ik ook nog wel idioot, ik vind het alleen een redelijk debiel gezegde. Echt zo’n gezegde voor mensen die elk excuus om hun mond open te trekken met beide handen beetpakken, om even spreekwoordelijk te blijven. Als je geen idee hebt hoe je op mijn fantastisch geformuleerde anekdote moet reageren, doe het dan niet. Wim hier houdt toch ook gewoon z’n klep dicht. Die jongen is zich tenminste bewust van zijn beperkte sociale vaardigheden. Jij moet daarentegen zo nodig gaan doen alsof je alles al weet met je kankergezegdes.”


Uit: "Kroeganekdotes" door Nonkelberg, Deventer, 1947.

Door Nonkelberg
2 commentaren | 14 punten

Zwezerik

Met grote ogen ging de blik van Roland heen en weer tussen de grote bruine knoepert in de wc en het gezicht van zijn vriendin Sanne, die hij bij haar kraag naar de pot had gesleurd.
"Wat...moet...dat...daar" bracht hij er moeizaam uit, terwijl zijn hoofd langzaam rood aanliep.
"Nou sorry hoor," mompelde Sanne. "Ik ben blijkbaar vergeten door te spoelen," en ze reike al naar de hendel van de wc.
Met een ferme tik sloeg Roland haar hand weg en wees weer naar het weeïge, bruine gevaarte.
"Geen....rozenblaadjes..." wist hij er nog verontwaardigd uit te brengen.
"Ja zeg, vrouwen poepen ook gewoon."
Demonstratief begon Roland zijn broek los te knopen.
"Wat ga je nou doen?"
"Ik ga me aftrekken, smerig serpent," antwoordde Roland. "Dat doen getrouwde mannen ook gewoon."


Uit: "Vrouwen van venus, mannen van mars" door Zwezerik, Lent, 2007.

Door Zwezerik
3 commentaren | 14 punten

W.F.G.H. Ambrozijn

Gespannen zat Gretske in de kerk in opwachting van de dominee. "Voor alles moet een eerste keer zijn", had haar stiefmoeder haar wijsgemaakt.
En daar zat ze dan. Met pepermuntjes in de aanslag en het liedboek op schoot aanschouwde ze de kapsels van de 2 rijen voor zich.
Ze had nauwelijks tijd gehad zich in te lezen in de bijbel, maar toch enkele fragmenten kunnen lezen, waaronder Openbaringen. Na het stuk had ze besloten ook haar agenda mee te nemen. Ze moest natuurlijk wel vrij zijn, mocht de dag des oordeels bekend worden gemaakt.


Uit: "Rulle borsten" door W.F.G.H. Ambrozijn, Kinderdijk, 1937.

Door W.F.G.H. Ambrozijn
8 commentaren | 13 punten

Balthazar

1987. Er heerst een gespannen stemming in het klaslokaal. Kinderen schommelen zachtjes op hun vierpotige krukjes en slaan de gemaakte frivoolheid van de pabo-stagaire nauwlettend gade. Eerste stagedag, nat achter de oren. Je kunt het ruiken. En zij zal het merken. Heupwiegend nadert het rondborstige popje mijn kruk. Ik ben aan de beurt. Haar stem is doordrenkt met valse interesse.
‘En wat wil jij later worden, kleine man?’

‘Chuck Norris!’, gil ik uit en met een zwaartekracht tartende sprong begraaf ik mijn knie in haar gezicht. Geplaagd door tranende ogen en consternatie verdrinkt haar zelfverdediging in desoriëntatie. Mijn afdaling wordt voorzien van een krachtige gedraaide schop in de zij, wat haar gevoel voor balans niet meer kan bijbenen en tuimelend als een gewond hert versplinterd haar lichaam het glazen terrarium van onze woenstijnmuis ‘Turbo’, die vol ijdele hoop zijn vrijheid tegemoet rent.
Met een snoekduik bemachtig ik de mattenklopper, waarmee ik met een lange elegante zwaai de zweterige binnenstormende conciërge tussen de ogen raak, welke met zijn enorme massatraagheid tegen het openstaande schoolbord klapt en het aantal botten in zijn hoofd verviervoudigd.

De directeur, gealarmeerd door alle commotie en verschanst in zijn kantoor achter een muur van bureaus en stalen ordnerkasten, schreeuwt: ‘je krijgt me nooit te pakken, klerejoch!’, maar de gierende angst laat zijn stem beven.
‘Deze keer ga je eraan geloven, Vesteegh! Hoor je me?!’
En onder luidt gewoel van strijdkreten bestorm ik voor de zevende keer de bastille der kantoormeubilair op mijn driewieler.


Uit: "Infantiel, maar gewapend" door Balthazar, Eindhoven, 2008.

Door Balthazar
6 commentaren | 13 punten

Pastor Leeuwens

'Ah,' sprak het blonde meisje meewarig, 'je bent er zoéén die van lezen houdt.'
Een moment was Rupert van zijn stuk gebracht, maar hij herpakte zich snel.
'Heb je Komt een vrouw bij de dokter gelezen?' vroeg hij haar.
Het Viva-delletje zette grote ogen op en knikte met volle overtuiging. 'Zo ontroerend!' wist ze half zuchtend uit te brengen.
Rupert kon een glimlach niet onderdrukken. Dit was een duidelijk geval van Kat in het bakkie.
'Als jij vanavond meegaat, dan beloof ik dat ik je zwanger maak. Ik zal vreemdgaan bij het leven en zelfs als je kanker krijgt zoek ik het nachtleven van het hippe Amsterdam op om mijzelf tegoed te doen aan de lichamen van andere vrouwen, terwijl jij thuis ligt te janken en te kreperen.'
Lisette - zoals de dame in kwestie later bleek te heten - viel zwijmelend in Ruperts armen. Beschermend wreef hij over haar rug, terwijl hij trots een opgestoken duim van zijn kompanen in ontvangst nam. Yeah, the Ruupmeister strikes again!


Uit: "Kluners op Kreta" door Pastor Leeuwens, Chersonissos, in 2007 uitgegeven door De Apenrots.

Door Pastor Leeuwens
meer lezen | 2 commentaren | 13 punten

Zwezerik

Lang had het erop geleken dat hij maar niet van het mokkel af kon komen. Toen ze hem de eerste keer gevraagd had waarom hij het had uitgemaakt, had hij geantwoord dat hij een billenman was. Haar billen waren naar zijn smaak simpelweg te vadsig.
Toen ze drie maanden later, na lipsosuctie en plastische chirurgie, met vragende ogen en een zeer welgevormde kont voor zijn deur stond, zei hij dat hij bij nader inzien toch een borstenman was.
Na twee maanden belde ze wederom aan, nu met een uiterst fraaie boezem, die zijn gelijke niet snel zou treffen. Te lelijk, had hij geopperd. Ze was gewoon te lelijk.
Krap zes maanden later stond ze weer op de stoep, met de gelaatstrekken van een Engel, en mooi, rode, volle lippen. Haar vragende ogen leken dit keer wel amandelen. "Hoor 's," riep hij, "je bent een kutwijf. Je karakter bevalt me niet, en er is niets wat jij kunt doen dat mij ooit van het tegendeel zal overtuigen."

Eergisteren trof hem het bericht dat ze zichzelf van het leven had beroofd. Hij klopte zichzelf met zijn linkerhand op zijn rechterschouder en glimachte: Het lekkerste wijf ter wereld had zich omwille van hem van kant gemaakt.


Uit: "Jan-Willem haalt uit" door Zwezerik, Utrecht, 2000.

Door Zwezerik
5 commentaren | 13 punten

Th. Joh. Waldheim

Welmoet barstte in een hartverscheurend snikken uit en zakte voor het bureau van meester Alfred door zijn knieën. "Stel je alsjeblieft niet zo aan", schreeuwde de meester. "Welnu, laten wij de les continueren, addergebroed". Meester Alfred zuchtte diep. "Allerliefst gespuis. Welmoet vertelt me net dat zijn ouders zijn omgekomen bij een auto-ongeluk en dat hij zijn huiswerk niet gemaakt heeft omdat zijn ouders morsdood zijn." Taalgeil als meester Alfred was, ratelde hij door: "Welnu, rapaille. Morsdood. Een interessant fenomeen uit onze hedendaagse taal. Mors betekent dood. Dood betekent mors. Hebben we hier nu feitelijk te maken met een tautologie of met een contaminatie. Welk fenomeen betreft het hier, Welmoet?" Welmoet diende de meester snikkend van repliek; "Een contautologie meester! Wat op zichzelf dan weer een contaminatie is". Hierop liet meester Alfred zijn hoofd teleurgesteld zakken, barstte eveneens in snikken uit en bulderde door de klas: "Welnu, stuk tuig, was ik maar dood! Morsdood!"


Uit: "Kwartet in een rariteitenkabinet." door Th. Joh. Waldheim, Steenenkamer, 1978.

Door Th. Joh. Waldheim
2 commentaren | 13 punten

W. John Willemsen

Het hoefgezomp hield op en Koert stak zijn hoofd uit de tent. "Goedendag bosbewoner, kunt u mij uitleggen hoe ik vanaf deze hoogst olijke plek in het bos het ruiterpad terug kan vinden?" vroeg de vreemdeling te paard. Koert besloot dat zijn 17 jaar durende kluizenaarschap ten einde was en beukte de ruiter van zijn paard. "Dat zal je leren, vlegel!" riep hij waarna hij het paard besteeg en er vandoor ging. Hopelijk was zijn pinpas nog niet geblokkeerd.


Uit: "Moderne geneugten" door W. John Willemsen, Castricum, 2002.

Door W. John Willemsen
login of registreer om commentaar te posten | 13 punten

Nonkelberg

Henk stak graag mensen overhoop, hij noemde zich derhalve dan ook een filatelist. Niet dat hij wist wat het betekende, hij vond het gewoon een mooi woord.


Uit: "Je meurt uit je baarmoeder" door Nonkelberg, Rotterdam, 1984.

Door Nonkelberg
5 commentaren | 12 punten

Jasper Nubuck

Dat peter in de war was werd pas echt duidelijk toen hij huilend het servetje opat en met de kroket zijn mond afveegde nadat hij met zijn Ford Fiesta de friture was binnengereden. Peter, docent drama aan de kunstacademie, ging nu toch echt te ver met zijn theatrale eetgedrag.


Uit: "Het doorsnee leven van Jan met de pet" door Jasper Nubuck, Tilburg, 1997.

Door Jasper Nubuck
8 commentaren | 12 punten

Waltherius Dirksz Vrints

"Dit is nou het zoveelste Nijntje-boek dat je deze week hebt gekocht", schreeuwde Eva geïrriteerd. Maar hij liet zich niet van de wijs brengen en negeerde de opmerkingen gelijk een Koreaanse monnik, terwijl hij vluchtig de prentenboeken doorbladerde. Want Jelle moest en zou bewijs aanleveren dat Nijntjes poepertje als twee druppels water lijkt op z'n mond.


Uit: "De andere kant van Nijntje" door Waltherius Dirksz Vrints, Leiden, 1995.

Door Waltherius Dirksz Vrints
6 commentaren | 12 punten

Zwezerik

Tevreden grijnzend keek Pieter om zich heen. Elk jaar spaarde hij al zijn vakantiedagen op voor deze specifieke periode. Als je het een beetje slim aanpakte kon je wel drie weken achter elkaar de introductie feestjes van verschillende universiteiten aflopen.

Pieter wreef in zijn handen: tijd voor actie. Nog even repeteren. Geboortejaar: 1988. Favo muziek: Patrick jumpen. Motto: Lauwe shit man.
Hij spotte de 1e-jaars met de laagst uitgesneden heupbroek, trok zijn Bjorn Börg boxer nog eens stevig boven zijn broek en stapte erop af.
"Zo, hallo. In welk profiel heb jij examen gedaan?" vroeg hij geroutineerd.
Het meisje draaide zich om. "CKV," zei ze met dubbele tong, terwijl ze hem lodderig aankeek. "Ik wil bij het core. En jij?"
In de pocket, dacht Pieter tevreden, terwijl hij zijn trouwring soepel in zijn broekzak liet glijden.


Uit: "De mooiste tijd van het jaar" door Zwezerik, Nijmegen, 2007.

Door Zwezerik
8 commentaren | 12 punten

Louis Th. de Mérode

Het mooiste aan zijn driewieler was dat hij zijn voeten op de pedalen kon laten staan als hij stopte bij het verkeerslicht. Zo was hij lekker snel weg en kregen de slierten aan zijn handvatten de aandacht die ze verdienden. Ach, hij hield zichzelf natuurlijk een beetje voor de gek. Maar wie neemt het de 33-jarige Elroy kwalijk? Hij kreeg bij de jaarlijkse hertelling van zijn chromosomen ineens te horen dat er sprake was van een surplus. De driewieler was snel gekocht en eindelijk vond iedereen hem schattig.


Uit: "46 chromosomen maken nog geen zomer" door Louis Th. de Mérode, Plankenwambuis, 1998.

Door Louis Th. de Mérode
7 commentaren | 12 punten

Pastor Leeuwens

Het worddocument in de taakbalk keek hem aan. Schuldbewust klikte Maurice het open.
'En dan te bedenken dat ik me dit zal herinneren als de mooiste tijd van mijn leven,' mompelde hij tegen de monitor. Verveeld minimaliseerde hij de tekstverwerker weer en concentreerde zich op het potje tower defense.


Uit: "Tijd van Studenten" door Pastor Leeuwens, Utrecht, 2007.

Door Pastor Leeuwens
2 commentaren | 12 punten

Hoe werkt het?

Op Laudo schrijven en beoordelen wij fictieve fragmenten uit fictieve boeken. Meedoen? Dat kan! Meld je aan en schrijf een fragment. Vervolgens beoordelen je mede-auteurs je stuk door erop te stemmen. Haal je de magische 3 punten, dan belandt je fragment op de voorpagina. Bij een beoordeling van -5 punten, verdwijnt je stuk naar de eeuwige fictieve jachtvelden. Het is dus van groot belang dat je stemt, opdat het recht zegeviert.
Meld je hier aan.

Zoeken

Wie is online

Er zijn momenteel 0 gebruikers en 1 gast online.

Hulde en bloemen

GebruikerPunten
Goliath Uytenheugte3246
Dolf de Waal3088
Th. Joh. Waldheim2994
Abr. M. Harmitonius2576
Pastor Leeuwens2424