Jacob Blom van Assendelft maakte zich lichtelijk zorgen. Was het niet reeds langer dan veertien dagen dat hij van Pleyte had gehoord? En was het om redenen van vacantie of penitentiaire ophouding dan kon hij die onrust nog wel afschudden. Na een fles Oude Weduwe, om zijn brein te prikkelen zoals hij tegen de verkoper zei, had hij de waarschijnlijke toedracht van de zwijgzaamheid gevonden. Een vrouw! Machteld moest in Pleyte's leven zijn teruggekeerd, als een mak lam dat na vele omzwervingen op de heidevelden de lokroep van de moeder in de schaapskooi niet kan weerstaan. De geborgenheid van haar voluptueuze boezem en de geur van jojoba in heur zijdezachte korenblonde golvend haar moest Walter van zijn vriendenschaar hebben gekeerd. Typisch.
Of was het toch wat anders? Hij zou er eens een telegram aan wijden.

Heren,
Dank voor het geinspireerde vertrouwen in mijn werk! Afdoende aansporing tot nieuwe pogingen, me dunkt. Tietloos, drankloos, wie zal het zeggen?