“Daar is de deur”! Opkijkend van mijn krant nam ik het tafereel in me op. De in een driedelig pak geklede man zag er niet uit dat hij tegenspraak, laat staan een dergelijke vingerwijzing, zou accepteren. Zelfs een simpel ‘nee, liever niet’ zou waarschijnlijk al niet in goede aarde vallen. Sneller dan gedacht maakte hij dan ook het verwachte misbaar.
“Bediening, dat is met service omklede aandacht” meende hij, zich vastklampend aan het einde van de toog. “En dat je meent die te moeten leveren door 20-jarige blondines is jouw zaak, hoewel ze er uitzien alsof ze elders een profijtelijker, horizontale betrekking hebben. Ik eis een zeker respect! Ik ben geen Nazi of zo, ik ben, als ieder ander hier, een klant, en zo wens ik ook behandeld te worden.”
Zijn stelling werd kracht bijgezet middels stemverheffing waardoor de overige gasten nog dieper in hun glaasje keken. Vast gène, dacht ik, geen dorst. Toen de man uiteindelijk het café verlaten had, begon de bediening de diverse glaasjes weer bij te vullen, zo ook de mijne. Nippend aan het Schiedamse bedacht ik me dat dit café vol stille drinkers weer een voorbeeld had geleverd van de onjuistheid van een volkswijsheid. Niks stille drinker, van drank wordt men juist luidruchtig.

Aangepast. Dank voor de oplettendheid en het compliment.