Dat er zoiets als pornografie bestond had Herman nooit geweten. Het kwam bij hem aan als een donderslag bij heldere hemel. Het ongeloof was aan zijn ogen af te lezen. Als het dan echt bestond, zou hij het toch op zijn minst ergens in zijn tweedelige boekencollectie moeten staan vermeld. Vol goede moed begon hij het Oude Testament er op na te slaan.
Niet teneergeslagen vanwege het feit dat er niets over te vinden was, pakte hij zijn tweede boek, het Nieuwe Testament, uit de kast. Maar ook daar werd geen woord gerept over pornografie.
Hoe dan ook, voor Herman was het een geschenk uit de hemel en niet veel later deed de plaatselijke videotheek goede zaken.
Het verborgen Testament
Uit: "Het verborgen Testament" door Drs. R Oberheimer, Heerhugowaard, 1979.
