Eenmaal buiten gekomen vroeg hij zich af waarom het kassameisje niet was ingegaan op zijn verzoek om een keer bij hem thuis te komen voor een kopje thee. Aan zijn geraffineerde kledingkeuze kon het niet liggen. En hij had nog geen uur geleden zijn tanden gepoetst. Zou het dan toch iets te maken hebben met de bloemkool die hij na het afrekenen in zijn broek had gestopt?
Uit: "De aanhouder wint!" door P. van Doorn Holstein, Gelsenkirchen, in 2009 uitgegeven door Biologische Uitgeverij Kringspier, Groningen.

Schennis van de openbare eerbaarheid acht ik op Laudo tot daarentoe. Schennis van een bloemkool daarentegen.....!
Odi profanum vulgus @ arceo